vmbo basis, kader en gemengde leerweg

Rapportage en bevordering

Het schooljaar is verdeeld in vier ongeveer gelijke perioden. De leervorderingen van elke leerling worden vier keer per jaar met het klassenteam besproken op de rapportvergadering. Gezamenlijk bespreken zij de mogelijkheden van elke leerling en brengen daar een advies over uit. Voor dit advies zijn aspecten als werkhouding, gedrag en motivatie minstens zo belangrijk als de cijfers die behaald zijn.

Twee keer per jaar vragen wij ouders om samen met hun kind het rapport bij de mentor op te halen. In een driehoeksgesprek met ouders en leerling wordt dan de voortgang besproken. De leerling krijgt hierin een actieve rol.


De vierde klas

Eindexamenkandidaten krijgen geen rapport, maar ontvangen na elke toetsweek een cijferlijst. Daarop staan de resultaten van alle afgelegde toetsen vermeld die deel uit maken van het SE (schoolexamen).

 

Uitgangspunten bij bevordering

Wij gaan bij rapport 1, 2 en 3 uit van cijfers met decimalen. Bij het overgangsrapport worden de cijfers afgerond op een heel getal. Wij gaan bij alle rapportcijfers uit van het voortschrijdende jaargemiddelde. Dat wil zeggen dat alle cijfers die in een leerjaar behaald zijn worden meegewogen in het rapportcijfer. In alle gevallen worden de cijfers op de volgende manier afgerond:

5,50 = 6
5,49 = 5 


Bevordering

De uiterste consequentie kan zijn dat er geen bevordering kan plaats hebben. Indien de resultaten van de leerling aanleiding geven kan de mentor, het klassenteam of de schoolleiding een leerling verplichten gedurende het schooljaar buiten de lessen om toetsen of opdrachten in te halen, te herkansen of maatwerklessen te volgen.

De teamleider meldt aan ouders en leerling schriftelijk wat er gebeurt indien toetsen niet worden ingehaald. Indien een leerling niet aan de overgangsnorm kan voldoen, zal gekeken worden op welke wijze de leerling het beste zijn schoolloopbaan vervolgt.

Aan het eind van het schooljaar besluit het klassenteam onder leiding van de teamleider aan de hand van de voortgangsrapportage in welke klas de leerling geplaatst wordt. Bij de bevordering tellen alle vakken mee. Een 5 telt voor 1 minpunt, een 4 voor 2 minpunten en een 3 of lager voor 3 minpunten. In bijzondere gevallen beslist de doorstroomcommissie in overleg met de schoolleiding.


Cijfers

De rapportcijfers worden samengesteld op basis van mondelinge overhoringen, schriftelijke overhoringen en proefwerken, praktijkopdrachten en werkstukken. Mondelinge en schriftelijke overhoringen kunnen onaangekondigd en aangekondigd plaatsvinden. Een proefwerk wordt altijd aangekondigd. Elke toets heeft een bepaalde weging. De docent vertelt de leerlingen wat deze weging is. De weging is ook terug te vinden in het cijferoverzicht in Magister.

 

Inhalen en herkansen van voortgangstoetsen

In geval een leerling een toets onvoldoende heeft gemaakt, bestaat er de mogelijkheid de leerling de toets nogmaals te laten maken indien er sprake is geweest van dusdanige omstandigheden dat de leerling niet naar behoren de toets heeft kunnen voorbereiden en maken. Te denken valt dan aan bijzondere familieomstandigheden en ziekte. De leerling dient hiervoor een afspraak te maken met de docent.